Agenda
evenement
Titel: Cross-modale waarneming door kinderen met CI
Samenvatting
In de literatuur over cochleaire implantatie (CI) wordt vaak gezegd dat het gebruik van gebarentaal met kinderen met CI een negatief effect heeft op hun geproken-taalontwikkeling. Meestal worden hierbij kinderen die Totale Communicatie krijgen aangeboden vergeleken met kinderen in die orale educatie ontvangen, en wordt gekeken naar de ontwikkeling van hun vaardigheden in de gesproken taal. In deze omgevingen (TC versus oraal) wordt echter een variëteit aan praktijken gebruikt die meestal niet expliciet worden beschreven. Bovendien worden de resultaten vaak beïnvloed door andere factoren. En heel belangrijk: slechts enkele studies hebben beide taalmodaliteiten getest in dezelfde groep kinderen.
In deze lezing worden bevindingen gepresenteerd van twee recente onderzoeken. In het eerste onderzoek zijn de spraak- en gebaarperceptie onderzocht in een groep van 15 kinderen met CI. De resultaten laten zien dat er belangrijke variatie tussen de kinderen optreedt in beide taalmodaliteiten, maar er is geen bewijs gevonden voor negatieve effecten van het gebruik van gebarentaal op de gesproken-taalvaardigheden. Het blijkt juist dat het gebruik van beide taalmodaliteiten positief met elkaar gerelateerd is. De correlaties impliceren echter geen causaal verband, en moeten voorzichtig geïnterpreteerd worden. Daarom worden in het tweede onderzoek (waaraan nog gewerkt wordt) de effecten van bimodaal taalaanbod (gesproken taal en gebarentaal) op de audio-visuele herkenning van gesproken woorden en het leren van woorden bij CI-kinderen direct bestudeerd. Voorlopige resultaten ondersteunen de bevindingen uit het eerste onderzoek, en het lijkt zelfs mogelijk dat de spraakverwerking bi
j CI-kinderen profijt heeft van bimodale input.
De lezing wordt gegeven in het Engels en getolkt naar de NGT.
